Energielabel bij renovatie van bedrijfsvastgoed: zo plan je slim vooruit

Renoveren zonder het energielabel als kompas voelt als bouwen zonder bouwtekening. Het label stuurt keuzes in de schil en installaties, helpt risico’s op waardedaling te voorkomen en maakt je pand aantrekkelijker voor huurders die letten op comfort en lagere servicekosten. Daarnaast vraagt de wetgever om resultaat: kantoren moeten sinds 2023 minimaal label C hebben, met controles die steeds strenger worden. Wie nu anticipeert, voorkomt dure brandjes blussen achteraf.

Begin met een nulmeting en een routekaart

Start met een EPA-U maatwerkadvies of energie-audit. Dat geeft een helder beeld van de huidige prestaties, inclusief warmteverlies, installatierendement en kansen in beheer en gebruik. Laat per pand een doel label bepalen (bijvoorbeeld C als ondergrens en waar mogelijk B of A), en werk scenario’s uit: één voor snelle uitvoering met korte terugverdientijd, één voor een toekomstbestendig niveau waarbij je investeringen in schil en all-electric oplossingen bundelt.

Doelen en KPI’s die sturen op resultaat

Vertaal het einddoel naar meetbare mijlpalen: streeflabel per gebouw en jaar, kWh/m²-doelen, CO₂-reductie en geplande maatregelen per kwartaal. Koppel dit aan je MJOP, zodat vervangingsmomenten van dak, glas, luchtbehandeling en warmteopwekking automatisch in beeld komen. Zo voorkom je versnippering van budget en werk je naar één verhaal dat iedereen in de organisatie herkent.

Faseren: quick wins en grote ingrepen

Een goede planning verdeelt de renovatie in twee sporen: snelle maatregelen die direct effect geven, en grotere ingrepen die je koppelt aan logische momenten zoals einde levensduur of huurderswissel. Zo blijft je cashflow gezond en beperk je hinder voor gebruikers.

Quick wins die zich snel terugverdienen

Denk aan ledverlichting met aanwezigheid- en daglichtsturing, inregeling van klimaatinstallaties, frequentieregelaars op pompen en ventilatoren, kierdichting, leidingisolatie en slimme tijdschema’s. Vaak leveren deze ingrepen 10–25% besparing op met een korte uitvoeringstijd. Vergeet de gebruiker niet: een korte uitleg over bediening en nachtinstellingen voorkomt onnodig verbruik.

Koppel grote ingrepen aan natuurlijke momenten

Vervang je dak? Combineer het met isolatie en draagkracht voor zonnepanelen. Moet de cv-ketel eruit? Onderzoek een (hybride) warmtepomp of aansluiting op een toekomstbestendige warmtebron. Komt er een huurderswissel? Pak dan glas, gevel en ventilatie in één pakket op. Door maatregelen te bundelen dalen faalkosten, en behaal je vaak een hoger label in één klap.

Subsidies en regels die geld schelen

Voor ondernemers zijn er interessante regelingen zoals EIA (energie-investeringsaftrek) voor efficiënte installaties, MIA/Vamil voor duurzame bouwcomponenten en SDE++ voor grootschalige opwek. Voor sommige warmtepompen en isolatiemaatregelen is ook ISDE beschikbaar. Check de actuele eisen en laat je objecten beoordelen door een ervaren energieprestatie-adviseur via Bedrijfsenergielabels. Houd ook rekening met lokale steun vanuit gemeenten of netbeheerders; die kunnen netkoppelingen en laadinfra versnellen.

Datamanagement: meten is sturen

Je kunt niet verbeteren wat je niet meet. Zet ultiem het verbruik per gebruiksfunctie of verdieping apart in meters, en leg de lijn tussen BMS, submetering en energierapportage vast. Plan kwartaalreviews waarin je verbruikspieken, gelijktijdigheid en comfortmeldingen bekijkt. Combineer dit met contracten op basis van prestatie (bijvoorbeeld beschikbaarheid, binnentemperaturen en kWh/m²), zodat leveranciers meebewegen met jouw doelen.

Veelgemaakte fouten die je makkelijk voorkomt

Wie renoveert met het energielabel als leidraad, loopt soms toch tegen valkuilen aan. Deze komen vaak terug en zijn goed te voorkomen.

  • Alleen investeren in techniek en gebruikersgedrag vergeten, waardoor lampen en installaties onnodig blijven draaien.
  • Te veel tegelijk willen zonder bouwlogistiek te plannen, met lange stilstand en hoge kosten als gevolg.
  • Onvolledige data: geen recent maatwerkadvies, geen tekeningen of ontbrekende onderhoudshistorie.
  • Installaties niet goed inregelen na oplevering; comfortklachten en hoger verbruik zijn dan bijna zeker.
  • Geen nazorg of monitoring, waardoor besparingen langzaam wegslippen.

Zo organiseer je het projectteam

Wijs een eigenaar aan voor het energielabel per object (assetmanager of technisch manager) en leg de rolverdeling vast. Betrek vroegtijdig een EPA-U adviseur, installateur, bouwkundige aannemer en – belangrijk – de huurder. Maak een werkpakket per fase met duidelijke grenzen: wie levert ontwerp, wie doet inregeling, wie verzorgt gebruikersinstructie? Spreek prestatie-eisen af en leg mijlpalen vast in je planningstool. Een maandelijkse sessie van 45 minuten met alle partijen is vaak genoeg om vaart te houden.

Materiaalkeuzes die op lange termijn tellen

Let bij de schil op isolatiewaarde, kierdichtheid en onderhoud. Bij glas is HR++ meestal het minimum; kies triple waar de detaillering het toelaat. Voor installaties geldt: standaardiseer waar mogelijk op bewezen apparatuur, zodat onderhoud en onderdelenvoorziening eenvoudig blijven. Denk aan modulair ontwerpen, zodat je later makkelijker kunt opschalen of vervangen zonder opnieuw te slopen.